Gemeente Den Haag | Zelfbeeld, Eigenwaarde & Jongerenparticipatie

Samenvatting onderzoek

Samen met de Gemeente Den Haag onderzochten wij hoe het positieve zelfbeeld, gevoel van eigenwaarde en trots onder jongeren in focuswijken versterkt kan worden.

  • Tijdens het onderzoek richtten wij ons op jongeren in onder andere Moerwijk en de Schilderswijk. Door interviews, literatuuronderzoek en gesprekken met sociale werkers, wijkprofessionals en maatschappelijke organisaties brachten wij in kaart hoe onderwijs, thuissituatie en sociale omstandigheden invloed hebben op het zelfbeeld van jongeren.

  • Tijdens het onderzoek werd zichtbaar dat veel bestaande initiatieven versnipperd georganiseerd zijn en jongeren daardoor moeilijk hun weg vinden naar passende ondersteuning of activiteiten.

  • Daarnaast ontdekten wij dat sociale werkers veel tijd kwijt zijn aan administratie en coördinatie, waardoor minder ruimte overblijft voor persoonlijk contact en begeleiding.

  • Op basis van de inzichten ontwikkelden wij aanbevelingen rondom een centraal jongerenplatform, monitoring van sociale initiatieven en het versterken van samenwerking tussen gemeente, sociale organisaties en jongeren zelf.

“Dit onderzoek gaf ons nieuwe inzichten in hoe belangrijk overzicht, toegankelijkheid en vertrouwen zijn binnen het sociale domein.”

Korrie Louwes - Algemeen Directeur Onderwijs, Cultuur en Welzijn
Over de casus

Wanneer gesproken wordt over jongerenparticipatie in focuswijken, ligt de nadruk vaak op betrokkenheid bij de wijk of deelname aan activiteiten. Achter deze thema’s schuilt echter een complexere werkelijkheid waarin zelfbeeld, sociale acceptatie en bestaanszekerheid sterk met elkaar verbonden zijn.

Juist die samenhang vormde het vertrekpunt van het onderzoek dat wij samen met de Gemeente Den Haag uitvoerden.

Tijdens het onderzoek werd duidelijk dat jongeren in focuswijken regelmatig opgroeien binnen omstandigheden waarin armoede, sociale problematiek, lagere onderwijsprestaties en instabiele thuissituaties elkaar versterken. Tegelijkertijd zagen wij dat er veel initiatieven bestaan die jongeren proberen te ondersteunen, maar dat overzicht en samenhang vaak ontbreken.

Wat begon als een onderzoek naar zelfbeeld en eigenwaarde, groeide uit tot een bredere analyse van hoe sociale structuren, onderwijs en gemeentelijke systemen elkaar beïnvloeden.

Juist die onzichtbaarheid vormde het vertrekpunt van het onderzoek dat wij samen met de Gemeente Rotterdam uitvoerden. Tijdens het onderzoek werd duidelijk dat bankslapen zich vaak afspeelt in een grijs gebied tussen zelfstandigheid en ontregeling. Veel jongeren proberen ondertussen hun studie, werk en sociale leven voort te zetten, terwijl de onzekerheid onder de oppervlakte langzaam toeneemt.

Wat begon als een onderzoek naar verborgen dakloosheid, groeide uit tot een bredere analyse van hoe woningmarkt, hulpverlening en institutionele systemen elkaar beïnvloeden.

 

Het onderzoeksteam bestond uit:

  • Joris den Brok (Strategic Management & Commercial Law – Erasmus Universiteit)
  • Ian Maradiaga Rosales (Applied Physics & Economics and Data Science – TU Delft/Erasmus Universiteit)
  • Ariane Jacobs (Human Resource Management – Erasmus Universiteit)
  • Justin Aenmey (Micro-Economics, Strategic Management & Fiscaal Recht – Erasmus Universiteit)
  • Emma Nordkamp (International Politics – Leiden Universiteit en International Public Policy and Management – Erasmus Universiteit).
Team Creativity Pools
Onderzoeksvraag & context

Binnen het onderzoek stond de vraag centraal:

“Wat kan de gemeente Den Haag doen om het positieve zelfbeeld, gevoel van eigenwaarde en trots op jezelf en de wijk te stimuleren?”

Daarbij onderzochten wij niet alleen de directe factoren die invloed hebben op het zelfbeeld van jongeren, maar vooral ook hoe sociale systemen, onderwijs en leefomgeving elkaar versterken.

Uit eerder onderzoek bleek dat trots op de wijk niet automatisch leidt tot meer betrokkenheid of participatie. Daarom verschoof de focus van het project naar het versterken van zelfbeeld en eigenwaarde.

Tijdens gesprekken met sociale werkers, wijkprofessionals en maatschappelijke organisaties ontstond een opvallend beeld: veel initiatieven bestaan naast elkaar, terwijl jongeren juist behoefte hebben aan overzicht, toegankelijkheid en laagdrempelig contact.

Daarnaast werd zichtbaar dat sociale werkers regelmatig vastlopen in bureaucratische processen en versnipperde communicatie tussen organisaties.

Methode & Aanpak

Om de problematiek vanuit meerdere perspectieven te begrijpen combineerden wij verschillende onderzoeksmethoden.

Naast deskresearch naar sociale problematiek, onderwijsverschillen en jongerenparticipatie voerden wij gesprekken met sociale werkers, wijkvoortrekkers en professionals binnen het sociale domein.

Het onderzoeksteam bestond uit studenten met uiteenlopende studieachtergronden binnen management, economie, data science, natuurkunde en human resource management. Juist deze interdisciplinaire samenstelling maakte het mogelijk om sociale, organisatorische en analytische perspectieven met elkaar te verbinden.

Tijdens het onderzoek analyseerden wij onder andere:

  • De rol van onderwijs en thuissituatie;
  • De invloed van sociale acceptatie en bestaanszekerheid;
  • De versnippering van sociale initiatieven;
  • De administratieve druk binnen hulpverlening;
  • Mogelijkheden voor centrale monitoring en samenwerking.

Een belangrijk onderdeel van het onderzoek was het analyseren van de route die jongeren en sociale organisaties afleggen binnen het huidige landschap van initiatieven. Daarbij werd zichtbaar waar overzicht ontbreekt, waar communicatie vastloopt en waar jongeren afhaken.

Belangrijkste inzichten
Jongeren missen overzicht binnen het huidige aanbod

Een van de belangrijkste inzichten uit het onderzoek was dat er in Den Haag veel sociale initiatieven bestaan, maar dat jongeren moeilijk kunnen vinden welke activiteiten of ondersteuning relevant voor hen zijn.

Daardoor blijven kansen voor participatie, begeleiding en ontwikkeling regelmatig onbenut.

Tegelijkertijd merkten wij dat sociale initiatieven vaak los van elkaar opereren, waardoor samenwerking beperkt blijft en kennis versnipperd raakt.

Sociale werkers ervaren hoge administratieve druk

Een ander belangrijk inzicht was hoe sterk administratieve processen de dagelijkse praktijk beïnvloeden.

Veel sociale werkers gaven aan dat zij veel tijd kwijt zijn aan registratie, afstemming en coördinatie tussen organisaties. Hierdoor blijft minder tijd over voor persoonlijk contact met jongeren.

Tijdens het onderzoek werd zichtbaar dat professionals juist de vertrouwensband met jongeren als essentieel onderdeel van hun werk zien.

Onderwijs en thuissituatie versterken ongelijkheid

Het onderzoek liet daarnaast zien hoe sterk onderwijs, armoede en thuissituatie samenhangen met het zelfbeeld van jongeren.

In focuswijken liggen schoolprestaties gemiddeld lager en komt sociale problematiek vaker voor dan in andere delen van Den Haag. Factoren zoals huiselijk geweld, financiële onzekerheid en mantelzorg zorgen ervoor dat jongeren op meerdere vlakken tegelijk onder druk staan.

Instabiliteit werkt daardoor niet alleen door in schoolprestaties, maar ook in motivatie, zelfvertrouwen en toekomstperspectief.

Centrale samenwerking biedt kansen

Tijdens het onderzoek werd duidelijk dat betere samenwerking tussen gemeente, sociale organisaties en jongeren veel kansen biedt.

Daarom ontwikkelden wij het advies om een centraal platform te ontwikkelen waarop activiteiten, initiatieven en ondersteuning samenkomen.

Een dergelijk platform kan niet alleen jongeren beter helpen navigeren binnen het aanbod, maar ook de gemeente ondersteunen bij monitoring, samenwerking en beleidsontwikkeling.

Wil je meer informatie, meer inzage in het volledige rapport of onderzoeken of dit ook relevant is voor jouw organisatie? Neem dan contact met ons op.